Waar is het van gemaakt?

Je leert woorden als wollen en houten: ze zeggen waar iets van gemaakt is en eindigen op -en.

Zo schrijf je het

  1. Kijk of het woord zegt waar iets van gemaakt is.
  2. Schrijf dan de stof, en plak er -en achter: wol wordt wollen.
  3. Schrijf die -en ook als je hem bijna niet hoort.

Een voorbeeld, uitgewerkt

Er staat een ___ bank in de tuin. (gemaakt van hout)

  1. Vraag je af: waarvan is de bank gemaakt? Van hout.
  2. Plak er -en achter de stof.
  3. Je schrijft houten.
Nog meer voorbeelden

Ze draagt een ___ trui. (gemaakt van wol)

  1. Vraag: waarvan is het gemaakt? Van wol.
  2. Plak er -en achter en zet de l dubbel, want de o blijft kort: wollen.

Ze draagt een ___ ring. (gemaakt van goud)

  1. Vraag: waarvan is het gemaakt? Van goud.
  2. Plak er -en achter: gouden.

Zelf proberen

  1. stoffelijk bijvoeglijk naamwoord: steen

    Rondom het eeuwenoude kasteel stond een metershoge en ondoordringbare massieve ___ vestingmuur.

  2. modern materiaal

    In de ecologische tuin stond een duurzaam en windscherm gemaakt van gedroogde en ___.

Let op

  • Je laat de n weg omdat je hem niet hoort, zoals houte bank.

    Zegt het woord waar iets van gemaakt is? Dan eindigt het altijd op -en.

Tips

  • Stel de vraag: waarvan is het gemaakt? Dan komt er -en achter de stof.

Uitzonderingen

  • Soms verandert de stof: glas wordt glazen en steen wordt stenen.

Waarom het werkt

Een wollen trui is een trui van wol. Zulke woorden krijgen -en achter de stof, ook al hoor je die -en nauwelijks. Soms verandert de stof een beetje, net als bij een meervoud: glas wordt glazen, steen wordt stenen.