c en , — middelvingers omlaag
Je leert de c en de komma: je middelvingers buigen vanaf de d en de k één rij omlaag.
Zo vind je de toets
- Buig je linkermiddelvinger van de d omlaag: dat is de c.
- Buig je rechtermiddelvinger van de k omlaag: dat is de komma.
- Plak de komma vast aan het woord ervoor.
1234567890
qwertyuiop
asdfghjkl;'
zxcvbnm,./
shiftshift
Een voorbeeld, uitgewerkt
dcd k,k
- Leg je vingers op de thuisrij.
- Tik de d met je linkermiddelvinger.
- Buig die vinger omlaag en tik de c.
- Ga terug naar de d en tik hem nog een keer.
- Doe hetzelfde rechts: k, komma, k.
- Zo typ je dcd k,k.
Nog meer voorbeelden
ja, dus
- Typ ja.
- Buig direct je rechtermiddelvinger omlaag voor de komma, zonder spatie ervoor.
- Druk dan op de spatie en typ dus.
acht
- Tik de a met je linkerpink.
- Buig je linkermiddelvinger omlaag voor de c.
- Reik met je rechterwijsvinger naar de h en met je linkerwijsvinger naar de t.
Let op
Je zet een spatie vóór de komma.
Plak de komma vast aan het woord ervoor. De spatie komt er pas achter.
Tips
- Een komma hoort vast aan het woord ervoor, met een spatie erna.
- Je middelvingers doen de c en de komma, net als de d en de k.
Waarom het werkt
De c ligt onder de d en de komma onder de k. Een komma hoort bij een zin, dus je oefent hem meteen zoals je hem gebruikt: vast aan het woord ervoor, met een spatie erna.