Leestekens

Je leert het vraagteken, het uitroepteken en de apostrof typen met de vinger die erbij hoort.

Zo vind je de toets

  1. Tik het vraagteken en de apostrof met je rechterpink.
  2. Tik het uitroepteken met je linkerpink: het zit op de 1.
  3. Houd bij ? en ! shift in met je andere hand.
  4. Plak het teken vast aan het woord ervoor.
D1.000
—
H100
5
T10
3
E1
4
500 + 30 + 4=534

Een voorbeeld, uitgewerkt

waarom?

  1. Typ waarom.
  2. Houd shift in met je linkerpink.
  3. Buig je rechterpink omlaag naar de toets van de schuine streep en tik hem.
  4. Laat shift los.
  5. Zo typ je waarom? zonder je handen te verplaatsen.
Nog meer voorbeelden

auto's

  1. Typ auto.
  2. Strek je rechterpink naar rechts voor de apostrof, naast de puntkomma.
  3. Tik dan de s.

hoera!

  1. Typ hoera.
  2. Houd shift in met je rechterpink.
  3. Strek je linkerpink omhoog naar de 1 en tik hem.
  4. Laat shift los.

Let op

  • Je zet een spatie tussen het woord en het vraagteken.

    Plak het leesteken vast aan het woord ervoor, net als een komma of een punt.

Tips

  • Het vraagteken en de apostrof zijn allebei van je rechterpink.
  • Bij het vraagteken en het uitroepteken houd je shift in met de pink van je andere hand.

Waarom het werkt

Een leesteken zit op een gewone toets, soms met shift erbij. Het vraagteken zit op de toets van de schuine streep, het uitroepteken op de 1. Wie weet welke vinger het doet, hoeft ook hier niet te zoeken.