Verkleinwoorden: -etje of -kje
Je leert verkleinwoorden als mannetje en koninkje: -etje met een dubbele letter, of -kje na -ing.
Zo schrijf je het
- Kijk of het woord eindigt op een korte klank plus l, m, n of r.
- Zet die laatste letter dubbel en plak er -etje achter.
- Eindigt het woord op een doffe -ing? Maak dan van de g een k en plak er -je achter.
Een voorbeeld, uitgewerkt
De hond rent achter het ___ aan. (verkleinwoord van bal)
- Kijk naar bal: een korte a en dan een l.
- Zet de l dubbel, zodat de a kort blijft.
- Plak er -etje achter: balletje.
Nog meer voorbeelden
Daar loopt een klein ___. (verkleinwoord van man)
- Kijk naar man: een korte a en dan een n.
- Zet de n dubbel en plak er -etje achter: mannetje.
Ze draagt een zilveren ___. (verkleinwoord van ketting)
- Ketting eindigt op een doffe -ing.
- Maak van de g een k en plak er -je achter: kettinkje.
Zelf proberen
verkleinwoord van koningin
In de bijenkorf kroop een pasgeboren jonge ___.
verkleinwoord van lam
In de lenteweide dartelde een pasgeboren wollig wit ___.
Let op
Je vergeet de letter dubbel te zetten, zoals baletje.
Zonder dubbele l lees je baaletje, met een lange a. De dubbele letter houdt de klank kort.
Tips
- Hoor je voor de l, m, n of r een korte klank? Dan wordt het -etje.
- Een lange klank, zoals in raam, krijgt geen -etje maar -pje: raampje.
Waarom het werkt
Na een korte klank plus l, m, n of r zet je de laatste letter dubbel en komt er -etje achter: man wordt mannetje. Zo blijft de klank kort. Bij een doffe -ing wordt de g een k, omdat je daar een k hoort: koninkje.