Het koppelteken
Je leert het koppelteken zetten als twee klinkers botsen, zoals in zee-egel.
Zo schrijf je het
- Kijk naar het eind van het eerste woord en het begin van het tweede.
- Staan daar twee klinkers die je samen als één klank zou lezen? Zet er een streepje tussen.
Botsende klinkers: trema of streepje
TremaIn één woord: zeeën, knieën, ruzieën
KoppeltekenTussen twee woorden: auto-ongeluk, ski-jas
Een voorbeeld, uitgewerkt
In het water zat een stekelige ___. (zee + egel)
- Kijk naar de naad: zee eindigt op een e en egel begint met een e.
- Samen lees je ze als één klank.
- Zet er een streepje tussen: zee-egel.
Nog meer voorbeelden
Op de kruising gebeurde een ___. (auto + ongeluk)
- Kijk naar de naad: auto eindigt op een o en ongeluk begint met een o.
- Zet er een streepje tussen: auto-ongeluk.
Gelukkig was het maar een ___. (bijna + ongeluk)
- Kijk naar de naad: bijna eindigt op een a en ongeluk begint met een o.
- Dat lees je door elkaar.
- Zet er een streepje tussen: bijna-ongeluk.
Zelf proberen
twee a's botsen
Kleine vinden het om hun zus te doen en te ___.
windrichting met koppelteken
De krachtige wind waaide vandaag pal uit het koude ___.
Let op
Je plakt de woorden aan elkaar, zoals autoongeluk.
Lees het woord hardop zoals het er staat. Hoor je een rare klank bij de naad? Dan hoort er een streepje.
Tips
- Staat er een medeklinker op de naad, zoals in boekenkast? Dan heb je geen streepje nodig.
Waarom het werkt
Plak je zee en egel aan elkaar, dan staan er drie e’s achter elkaar en lees je ze als één klank. Een streepje houdt de twee woorden uit elkaar, zodat je ze goed leest.