Ng of nk?
Je leert kiezen tussen ng en nk door te luisteren of je een k hoort.
Zo schrijf je het
- Zeg het woord en luister naar het eind van de klank.
- Hoor je een k? Schrijf dan nk.
- Hoor je geen k? Schrijf dan ng.
Een voorbeeld, uitgewerkt
We ploffen neer op de zachte ___. (hoor je een k?)
- Zeg het woord en luister goed naar het eind: bank.
- Je hoort na de n nog een kleine k.
- Dan schrijf je nk: bank.
Nog meer voorbeelden
Er kruipt een lange ___ door het gras. (hoor je een k?)
- Zeg het woord en luister naar het eind.
- Je hoort geen k.
- Schrijf ng: slang.
De hond is ___ voor het onweer. (hoor je een k?)
- Zeg het woord en luister naar het eind.
- Je hoort geen k.
- Schrijf ng: bang.
Zelf proberen
ng of nk?
Alsjeblieft, dit mooie krijg je van mij ten ___.
ng of nk?
Als de ondergaat wordt het buiten ___.
Let op
Je schrijft nk als je geen k hoort, zoals slank in plaats van slang.
Zeg het woord met je hand voor je mond. Voel je aan het eind een klein stootje lucht? Dan is het een k.
Tips
- Zeg bang en bank na elkaar: alleen bij bank voel je het stootje van de k.
Waarom het werkt
De ng in bang en de nk in bank beginnen met dezelfde klank. Het verschil zit in het eind: bij nk hoor je nog een korte k. Wie goed luistert, hoort welke het is.