g en h — naar binnen reiken

Je leert de g en de h: je wijsvingers reiken even naar het midden en gaan dan terug naar het bultje.

Zo vind je de toets

  1. Strek je linkerwijsvinger van de f één toets naar rechts: dat is de g.
  2. Strek je rechterwijsvinger van de j één toets naar links: dat is de h.
  3. Ga daarna meteen terug naar het bultje.
1234567890
qwertyuiop
asdfghjkl;'
zxcvbnm,./
shiftshift

Een voorbeeld, uitgewerkt

fgf jhj

  1. Leg je wijsvingers op de bultjes.
  2. Tik de f met je linkerwijsvinger.
  3. Strek die vinger één toets naar rechts en tik de g.
  4. Ga meteen terug naar de f en tik hem nog een keer.
  5. Doe hetzelfde rechts: j, dan h, dan j.
  6. Zo typ je fgf jhj en liggen je vingers daarna weer op de bultjes.
Nog meer voorbeelden

glas

  1. Reik met je linkerwijsvinger naar de g.
  2. Ga terug naar de thuisrij en tik l, a en s met de vingers die daar al liggen.

hals

  1. Reik met je rechterwijsvinger naar de h en ga terug naar de j.
  2. Tik de a met je linkerpink.
  3. Tik de l met je rechterringvinger en de s met je linkerringvinger.

Let op

  • Na de g blijft je wijsvinger op de g liggen, en dan tik je daarna een g in plaats van een f.

    Voel na elke g of h meteen weer naar het bultje. Terugkomen hoort bij de beweging.

Tips

  • Reik, tik en kom terug: probeer die drie als één vloeiende beweging te voelen.
  • Alle andere vingers blijven gewoon liggen terwijl je wijsvinger reikt.

Waarom het werkt

Tussen de f en de j liggen nog twee toetsen, en die hebben geen eigen vinger. Je wijsvingers doen ze erbij. Omdat je daarna altijd terugvalt op het bultje, raakt je hand nooit de weg kwijt.