Hakken en luisteren

Oefen deze leerlijn

  1. 1Woorden die je kunt horenHak het woord in klanken en schrijf op wat je hoort. Voor wie net begint.
    • Hak het woord in klanken
    • Ng of nk?
    • Aai, ooi of oei?
    • Eer, oor of eur?
    • Eeuw, ieuw of uw?
    Uitleg: Hak het woord in klanken · Luister of er een k in zit · Luister naar de klinker vóór de i · Rek de klank vóór de r uit · Luister naar de klank vóór de w
    Vanaf groep 3 · 200
  2. 2Dagen, maanden en seizoenenDagen en maanden schrijf je met een kleine letter: januari, woensdag, herfst.
    • Kalender- en tijdwoorden
    Uitleg: Dagen, maanden en seizoenen met kleine letter
    Vanaf groep 4 · 40