Klanken die hetzelfde klinken

Oefen deze leerlijn

  1. 1Ei of ij, au of ouKlanken die precies hetzelfde klinken. Hier helpt geen regel, alleen kijken.
    • Ei of ij?
    • Au of ou?
    Uitleg: Ei of ij: onthoud het plaatje · Au of ou: onthoud het plaatje
    Vanaf groep 5 · 80
  2. 2Korte ei of lange ijOnthoud de ei-woorden: trein, reis, kei.
    • Ei of ij?
    Uitleg: Ei of ij: onthoud het plaatje
    Vanaf groep 5 · 40
  3. 3At-au of ot-ouOnthoud de au-woorden: pauw, blauw, auto.
    • Au of ou?
    Uitleg: Au of ou: onthoud het plaatje
    Vanaf groep 5 · 40
  4. 4Cht of gtHet licht en hij ligt: een ding of een werkwoord, en dat scheelt een letter.
    • Cht of gt?
    Uitleg: Is het een werkwoord? Dan gt, anders cht
    Vanaf groep 6 · 40
  5. 5G of chLachen of laggen: precies dezelfde klank, twee schrijfwijzen.
    • G of ch?
    Uitleg: G of ch: onthoud het plaatje
    Vanaf groep 6 · 40
  6. 6Klankgelijke weetwoorden (homofonen)Pijl en boog of waterpeil; steil of stijl. Let altijd op de betekenis.
    • Klankgelijke weetwoorden (homofonen)
    Uitleg: Let op de betekenis van het woord
    Vanaf groep 7 · 40