Uit een andere taal

Oefen deze leerlijn

  1. 1Woorden uit een andere taalDe c van cirkel, de -tie van politie, de g van garage: kijken en onthouden.
    • De c: als s of als k?
    • De i die als ie klinkt
    • Eindigt het op -tie?
    • Woorden uit een andere taal
    • De Griekse y
    Uitleg: Kijk naar de letter erna · Eén letter voor een lange klank · Je hoort "sie", je schrijft -tie · Het klinkt anders dan het staat · Een i die als y geschreven wordt
    Vanaf groep 6 · 200
  2. 2Woorden met een xJe hoort ks, maar schrijft een x: taxi, mixer, extra, examen.
    • Woorden met een x
    Uitleg: Je hoort ks, maar schrijft een x
    Vanaf groep 5 · 40
  3. 3Woorden met thJe hoort een t, maar schrijft th: thuis, thee, thema, theater.
    • Woorden met th
    Uitleg: Je hoort een t, je schrijft th
    Vanaf groep 7 · 40
  4. 4Woorden op -age en -teitJe hoort aazje, schrijft -age. Kwaliteit en activiteit eindigen op een t.
    • Uitgangen -age en -teit
    Uitleg: Je hoort "aazje", je schrijft -age
    Vanaf groep 7 · 40
  5. 5Franse uitgangen -eau en -airCadeau en bureau met -eau; militair en populair met -air.
    • Franse leenwoorden: -eau en -air
    Uitleg: Je hoort "oo" of "èr", je schrijft Frans
    Vanaf groep 7 · 40
  6. 6Klassieke uitgangen (-iaal, -ueel, -ium)Hoor de afzonderlijke klinkers: museum, aquarium, actueel, ideaal.
    • Klassieke uitgangen: -iaal, -ueel, -ium
    Uitleg: Hoor de afzonderlijke klinkers
    Vanaf groep 8 · 40