Kommagetallen × en : 10, 100, 1000
Je leert kommagetallen keer en delen door 10, 100 en 1000, door de komma te schuiven.
Zo reken je het uit
- Tel de nullen: 10 heeft er 1, 100 heeft er 2, 1000 heeft er 3.
- Schuif de komma zoveel plekken: bij keer naar rechts, bij delen naar links.
- Vul lege plekken op met een 0.
D1.000
—
H100
—
T10
—
E1
3
t0,1
4
h0,01
5
3 + 0,4 + 0,05=345
Een voorbeeld, uitgewerkt
3,4 × 100
- 100 heeft 2 nullen.
- Schuif de komma 2 plekken naar rechts.
- Er staat maar één cijfer achter de komma, dus vul aan met een 0.
- Dus 3,4 × 100 = 340.
D1.000
—
H100
0
T10
0
E1
3
Nog meer voorbeelden
45 : 100
- 100 heeft 2 nullen: schuif de komma 2 plekken naar links.
- Vóór de komma komt een 0: 45 : 100 = 0,45.
D1.000
—
H100
0
T10
4
E1
5
40 + 5=045
0,25 × 10
- 10 heeft één 0: schuif de komma 1 plek naar rechts.
- Dus 0,25 × 10 = 2,5.
D1.000
—
H100
0
T10
0
E1
0
Zelf proberen
50 : 1.000 =
3,4 × 100 =
Let op
Je zet nullen achter het kommagetal: 3,4 × 100 wordt dan 3,400.
Achter een kommagetal verandert een 0 niets. Schuif de komma zelf naar rechts.
Je schuift de komma de verkeerde kant op: 45 : 100 wordt dan 4500.
Delen maakt kleiner, dus de komma gaat naar links.
Tips
- Bij keer schuift de komma naar rechts, bij delen naar links.
- Het aantal nullen is het aantal plekken dat de komma schuift.
Waarom het werkt
Keer 10 maakt elk cijfer tien keer zoveel waard: tienden worden eenheden. Dat is hetzelfde als de komma één plek naar rechts schuiven. Bij delen schuift hij naar links, en lege plekken vul je op met een 0.