Het tegenwoordig deelwoord
Je leert het tegenwoordig deelwoord spellen: het hele werkwoord met een d erachter.
Zo schrijf je het
- Een tegenwoordig deelwoord geeft aan dat iets tegelijk gebeurt.
- Neem het hele werkwoord en plak er een d achter: lachend, zingend en zuchtend.
WerkwoordschemaTegenwoordige tijd
ikik lop
alleen de stam
hij / zij / jijhij lopt
stam + t
jij of je erachterlop jij?
alleen de stam, geen tde t valt weg
wij / jullie / zijwij lopen
het hele werkwoord
Een voorbeeld, uitgewerkt
Het meisje liep ___ naar school. (zingen)
- Kijk naar het werkwoord: zingen.
- Het gebeurt tegelijk met het lopen, dus het is een tegenwoordig deelwoord.
- Neem het hele werkwoord zingen en plak er een d achter: zingend.
Nog meer voorbeelden
Hij viel ___ in slaap. (lezen)
- Neem het hele werkwoord lezen.
- Plak er een d achter.
- Je schrijft lezend.
De kinderen kwamen ___ naar buiten. (rennen)
- Neem het hele werkwoord rennen.
- Plak er een d achter: rennend.
Zelf proberen
vechten · tegenwoordig deelwoord
De twee rolden al grommend en ___ door het stof.
zoeken · tegenwoordig deelwoord
Al ___ naar zijn bril tastte over het nachtkastje.
Let op
Je schrijft een t in plaats van een d aan het einde.
Een tegenwoordig deelwoord eindigt altijd op een d, nooit op een t.
Tips
- Als je het woord langer maakt (de zingende vogel), hoor je de d vanzelf.
Waarom het werkt
Een tegenwoordig deelwoord beschrijft een handeling die gelijktijdig met iets anders plaatsvindt. De regel is heel eenvoudig: schrijf het hele werkwoord op en zet er een d achter.