Werkwoordregels

Oefen deze leerlijn

  1. 1Tegenwoordige tijdDe ik-vorm, de hij-vorm met -t, de dt-regel en jij achter het werkwoord.
    • Tegenwoordige tijd: ik-vorm
    • Tegenwoordige tijd: hij, zij, het
    • De dt-regel
    • Jij achter het werkwoord
    Uitleg: De ik-vorm is de stam, zonder t · Hij, zij of het: stam + t, ook na een d · Staat jij erachter? Dan geen t
    Vanaf groep 6 · 160
  2. 2De ik-vorm (stam)De stam van het werkwoord in de tegenwoordige tijd: ik loop, ik werk.
    • Tegenwoordige tijd: ik-vorm
    Uitleg: De ik-vorm is de stam, zonder t
    Vanaf groep 6 · 40
  3. 3De hij-vorm (stam + t)Stam + t in de tegenwoordige tijd: hij loopt, zij werkt.
    • Tegenwoordige tijd: hij, zij, het
    Uitleg: Hij, zij of het: stam + t, ook na een d
    Vanaf groep 6 · 40
  4. 4De dt-regelWanneer schrijf je d, t of dt? Hij wordt, hij vindt.
    • De dt-regel
    Uitleg: Hij, zij of het: stam + t, ook na een d
    Vanaf groep 6 · 40
  5. 5Jij achter het werkwoordInversie: loop jij (geen t) of word jij (stam op d).
    • Jij achter het werkwoord
    Uitleg: Staat jij erachter? Dan geen t
    Vanaf groep 6 · 40
  6. 6Verleden en voltooid't Kofschip, het voltooid deelwoord met -t of -d, en de verwarring ertussen.
    • Verleden tijd: 't kofschip
    • Voltooid deelwoord: -t of -d
    • Voltooid deelwoord of tegenwoordige tijd?
    Uitleg: 't kofschip beslist: te of de · Zet ge- ervoor, en weer 't kofschip erachter · Staat er heb, heeft of is bij? Dan een deelwoord
    Vanaf groep 7 · 120
  7. 7Verleden tijd: 't kofschipZwakke werkwoorden in de verleden tijd: werkte of fietste.
    • Verleden tijd: 't kofschip
    Uitleg: 't kofschip beslist: te of de
    Vanaf groep 7 · 40
  8. 8Voltooid deelwoord (zwak)Eindigt het voltooid deelwoord op een d of een t? Gewerkt, gefietst.
    • Voltooid deelwoord: -t of -d
    Uitleg: Zet ge- ervoor, en weer 't kofschip erachter
    Vanaf groep 7 · 40
  9. 9Sterke werkwoordenDe onregelmatige werkwoorden in verleden tijd en voltooid deelwoord.
    • Sterke werkwoorden: verleden tijd
    • Sterke werkwoorden: voltooid deelwoord
    Uitleg: Sterke werkwoorden veranderen van klank · Zet ge- ervoor en -en erachter
    Vanaf groep 8 · 80
  10. 10Sterke werkwoorden: verleden tijdKlankveranderende werkwoorden: liep, zwom, zong.
    • Sterke werkwoorden: verleden tijd
    Uitleg: Sterke werkwoorden veranderen van klank
    Vanaf groep 8 · 40
  11. 11Sterke werkwoorden: voltooid deelwoordVoltooid deelwoord met -en: gelopen, gezwommen, gezongen.
    • Sterke werkwoorden: voltooid deelwoord
    Uitleg: Zet ge- ervoor en -en erachter
    Vanaf groep 8 · 40
  12. 12Alle werkwoordregelsVan de ik-vorm tot de sterke werkwoorden.
    • Tegenwoordige tijd: ik-vorm
    • Tegenwoordige tijd: hij, zij, het
    • De dt-regel
    • Jij achter het werkwoord
    • Verleden tijd: 't kofschip
    • Voltooid deelwoord: -t of -d
    • Voltooid deelwoord of tegenwoordige tijd?
    • Sterke werkwoorden: verleden tijd
    • Sterke werkwoorden: voltooid deelwoord
    • De gebiedende wijs
    • Het tegenwoordig deelwoord
    • Bijvoeglijk gebruikt voltooid deelwoord
    • Werkwoorden met be-, ge-, ver-
    Uitleg: De ik-vorm is de stam, zonder t · Hij, zij of het: stam + t, ook na een d · Staat jij erachter? Dan geen t · 't kofschip beslist: te of de · Zet ge- ervoor, en weer 't kofschip erachter · Staat er heb, heeft of is bij? Dan een deelwoord · Sterke werkwoorden veranderen van klank · Zet ge- ervoor en -en erachter · De gebiedende wijs is altijd de stam · Het hele werkwoord met een d erachter · Zo kort mogelijk schrijven · Laat je niet foppen door het voorvoegsel
    Vanaf groep 8 · 520
  13. 13De gebiedende wijsBevelen en aansporingen: altijd alleen de stam (word lid, loop door).
    • De gebiedende wijs
    Uitleg: De gebiedende wijs is altijd de stam
    Vanaf groep 6 · 40
  14. 14Het tegenwoordig deelwoordIets gebeurt tegelijk: het hele werkwoord met een d erachter (lachend, zingend).
    • Het tegenwoordig deelwoord
    Uitleg: Het hele werkwoord met een d erachter
    Vanaf groep 7 · 40
  15. 15Bijvoeglijk gebruikt voltooid deelwoordZo kort mogelijk schrijven: de verbrande taart, het geverfde hek.
    • Bijvoeglijk gebruikt voltooid deelwoord
    Uitleg: Zo kort mogelijk schrijven
    Vanaf groep 7 · 40
  16. 16Werkwoorden met be-, ge-, ver-Laat je niet foppen: in de tegenwoordige tijd gewoon stam + t (beantwoordt, gebeurt).
    • Werkwoorden met be-, ge-, ver-
    Uitleg: Laat je niet foppen door het voorvoegsel
    Vanaf groep 7 · 40